Minder hebben, meer zijn

Van alle boeken die ik afgelopen winter heb gelezen of doorgeneusd (een stuk of 30, voor het schrijven van stukjes voor de Happinez scheurkalender), is dit mijn favoriet: Vaarwel spullen van Fumio Sasaki. De auteur, een jonge Japanse redacteur, is een zogenoemde minimalist. Iemand die ernaar streeft alleen werkelijk noodzakelijke spullen te bezitten. In een paar jaar tijd deed hij zo’n 95 (!) procent van zijn bezittingen de deur uit. Dat ruimt letterlijk en figuurlijk lekker op: schoonmaken doet hij tegenwoordig fluitend, gewoon omdat dat nu zo’n makkie is. Hij heeft er zelfs plezier in gekregen, terwijl hij zichzelf voorheen als een luie sloddervos beschouwde. Kijk, dat inspireert.

 

Minimalisme is niet spullen-weg-doen-om-het-spullen-weg-doen, verduidelijkt Fumio. Het gaat om afstand doen van wat je niet gebruikt en wat je niet nodig hebt, zodat alleen overblijft wat je werkelijk belangrijk vindt. Hoe meer je ontspult, hoe duidelijker wordt waarin je geluk schuilt. Die gedachte sprak me aan. Soms heb  je even zo’n boek nodig om je te helpen herinneren aan wat je nou eigenlijk echt nodig hebt. En vooral: wat niet.  

 

‘Het is te veel’ – dat gevoel overvalt me met enige regelmaat. Te veel tuin om te onderhouden (als alles in de lente ineens weer uit z’n groene voegen barst), te veel dier te verzorgen (in de herfst slash winter uitmesten in de modder, aargh, zo veel modder), te veel dingen die ik van mezelf moet doen, te veel afleiding. Dat is een luxeprobleem, dat besef ik goed. Toch verlang ik soms naar een simpeler leven. Nog simpeler. En Vaarwel spullen gaf me het inzicht dat een kritische blik op mijn spullen daarin een sleutel kan zijn.

 

Spullen kunnen stille to do-lijstjes zijn, schrijft Fumio. Ze roepen je zwijgend toe: doe iets met mij, gebruik me, maak me schoon, je verwaarloost me! In onze welvaartmaatschappij zijn de spullen ons vaak gaan beheersen, in plaats van andersom.

 

Sommige van die spullen blijken eenvoudig om weg te doen. Zo heb ik al dozen vol kopjes, bekers, vazen, bloempotjes en gezellige prullaria naar de kringloop gebracht. Waardoor ik inmiddels een paar kasten kan openen zonder door een gevoel van chaos te worden overvallen. Zakken vol kleren, lakens en dekentjes (‘handig om te hebben’) gingen de textielcontainer in. Dat was het – voor mij – makkelijke deel.

 

Ontspullen stelt je ook voor de vraag: wie ben ik nú, en wie wil ik zijn? Dat kan een taaier opruimrondje geven. Ik heb een zwak voor boeken, maar ik ergerde me wel aan de dubbele rijen in de boekenkasten, waardoor ik niet eens zicht had op de achterste rij. Opruimen dus. Ging ik deze boeken nog eens lezen? Zo nee, waarom hield ik ze dan eigenlijk? Ik heb veel verschillende richtingen verkend, opleidingen en cursussen gevolgd: in astrologie, natuurgeneeskunde voor dieren, aromatherapie, diercommunicatie, natural horsemanship, systemisch werk, sjamanisme, coaching met paarden, schrijven. En daar had ik veel boeken en mappen en papieren van verzameld. Wat was nu werkelijk nog van belang?

 

Ben ik een astroloog?, vroeg ik me af. Een natuurgeneeskundige voor dieren? Een sjamaan? Een dierentolk? Een paardencoach? Af en toe vraagt iemand me of ik nog weleens opstellingen bij de paarden doe. Of vindt iemand het zonde dat ik niks meer met astrologie doe, omdat ik er wel aanleg voor heb. Dat zijn de twijfelmomenten, want ik heb werkelijk passie voor die dingen gevoeld. En dat gevoel kan ik ook wel weer oproepen, ‘als het moet’. Maar het is op dit moment niet mijn nummer één. En ik vind: als je je horoscoop wilt laten lezen, een opstelling wilt bijwonen of een coachingsessie met paarden wilt meemaken, ga dan naar iemand die het nu met hart en ziel doet. Die er plek voor heeft gemaakt in haar leven, omdat dit is wat ze (m/v) wil doen.  

Op het moment voel ik me vooral schrijver. Ik wil mijn boek schrijven. Eens in dit leven wil ik dat hebben gedaan: een boek schrijven. Schrijven past bij me. Ik word er gelukkig van. En het leven wordt een stuk simpeler als ik het voorlopig daarbij houd.

 

Daarom heb ik bijvoorbeeld een hele lading boeken over astrologie weggegeven aan iemand met passie voor astrologie. Ze volgt er een opleiding in, en ik gaf de suggestie om met haar medestudenten een bibliotheekje van de boeken te maken. Zij zijn er blij mee, en daar word ik ook weer blij van. Een paar astrologieboeken heb ik gehouden; de exemplaren die ik daadwerkelijk soms nog eens inkijk.

 

Zo ga ik laagje voor laagje door mijn bezittingen heen. Er zijn nog heel wat laagjes te gaan (je wilt bijvoorbeeld niet weten wat een mens allemaal kan opslaan in een grote schuur, of in een paardenstal). Beetje bij beetje voel ik dat er meer ruimte en flow ontstaat. Ik maak plekken schoon die ik jaren niet van dichtbij heb bekeken. En steeds beter kan ik focussen op wat ik wil doen.

Zoals Fumio Sasaki het samenvat: ‘Van minder bezitten word je gelukkig. Daarom is het tijd om afscheid te nemen van alle dingen die we niet nodig hebben.’

Ik ben bíjna klaar om zijn boek weer af te staan aan de bieb.